Sportbedrijf Leiden

Rechtstreeks naar inhoud gaan

Arbo wet

De Arbo wet (Arbeidsomstandighedenwet) geldt voor iedere werkgever en werknemer in Nederland. Voor deze wet is ook een sportvereniging een werkgever. De Arbo wet hanteert namelijk een hele ruime omschrijving van het begrip werkgever. Iedereen die een ander werk voor zich laat verrichten is werkgever. Deze omschrijving is zo ruim, dat u zelfs al werkgever bent als uw buurman u helpt een schutting om uw tuin te bouwen.

Daarom vallen ook organisaties die met vrijwilligers werken onder de Arbo wet. Het bestuur van een vrijwilligersorganisatie moet dan ook oog hebben voor de gezondheid en het welzijn van de voor de vereniging zo belangrijke vrijwilligers.

Aan dat werkgeversschap worden ook enkele wettelijke eisen gesteld, onder meer de verplichting om een risico-inventarisatie en -evaluatie uit te voeren. Dit is een onderzoek, ook wel Arbo check geheten, dat de gevaren op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn binnen de organisatie in kaart brengt. De Arbo check heeft betrekking op zaken als: de veiligheid van gebouwen en terreinen, EHBO-voorzieningen, werktijden, lichamelijke belasting, voorkomen van ongewenst gedrag (agressie, geweld, discriminatie en seksuele intimidatie), werken met gevaarlijke materialen of stoffen, enz. Op basis van dit onderzoek worden actiepunten opgesteld en wordt aangegeven wanneer en door wie de verbeteringen worden uitgevoerd. Bij de Arbo check hoort dus ook een plan van aanpak.

De Arbo check kan door de vereniging zelf worden uitgevoerd. Om u daarbij te helpen is onlangs door TNO-arbeid een speciale checklist voor sportverenigingen ontwikkeld. Deze checklist kan via www.vrijwilligersplein.nl (zoeken onder het kopje 'publicaties') gedownload worden. Normaal gesproken moeten bedrijven en instellingen deze risico-inventarisatie en - evaluatie laten toetsen door een Arbodienst. Vrijwilligersorganisaties die hoogstens 40 uur per week betaalde arbeid laten verrichten zijn hiervan echter voorlopig vrijgesteld. In sommige gevallen is het toch aan te bevelen de deskundige hulp van een Arbodienst in te schakelen, bijvoorbeeld in het geval er met gevaarlijke materialen en/of stoffen worden gewerkt. Daarbij moet bedacht worden, dat een bestuur niet alleen verantwoordelijk is voor de gezondheid en het welzijn van de vrijwilligers, maar ook van de sporters en eventuele toeschouwers.

De arbeidsinspectie kan controleren of een vereniging een risico-inventarisatie en -evaluatie heeft uitgevoerd en een plan van aanpak heeft opgesteld. Verenigingen die niet aan deze verplichting voldaan hebben, lopen het risico een boete te krijgen. Nu kunt u dit zien als de zoveelste papieren verplichting waar uw vereniging aan moet voldoen. Een bestuur dat hier serieus werk van maakt en maatregelen treft om de risico's te beperken, loopt echter aanzienlijk minder kans aansprakelijk gesteld te worden indien zich onverhoopt een ongeval of ander ernstig incident voordoet. Blijft een bestuur in gebreke, dat zijn de gevolgen niet te overzien.

Nieuwe regelgeving per 15 maart 2006
Vanaf 15 maart 2006 hoeven verenigingen waar uitsluitend vrijwilligers werken niet meer aan alle verplichtingen van de Arbowet te voldoen. Het gaat dan onder meer om de artikelen over de risico inventarisatie en -evaluatie (RIE) en het arbeidsgezondheidskundig onderzoek en het gehele Arbo-besluit. Er zijn echter enkele uitzonderingen. Zo geldt dat bij werkzaamheden die zeer ernstige risico's met zich meebrengen, de verplichtingen van de Arbowet van toepassing blijven. Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan situaties waarbij sprake is van valgevaar bij bijv. verbouwingswerkzaamheden aan het clubhuis. Ook het werken met gevaarlijke stoffen is daarvan een voorbeeld.

Verenigingen die louter met vrijwilligers werken hoeven ook geen preventiemedewerker of bedrijfshulpverlener meer aan te stellen. Voor jonge vrijwilligers tot 18 jaar en vrijwilligers die zwanger zijn, blijven aanvullende bepalingen van kracht.

Heeft de vereniging betaalde werknemers in loondienst dan is de vrijstelling niet van toepassing, dan moet worden voldaan aan de Arbowet en dat betekent in ieder geval een RIE. Verenigingen waarbij minder dan 40 uur per week betaalde arbeid wordt verricht, moeten wel een RIE laten plaatsvinden, maar hoeven deze niet te laten toetsen door een Arbodienst. Deze 40 uur is geen gemiddelde, als er een week meer dan 40 uur betaalde arbeid wordt verricht is de vrijstelling niet van toepassing.

U kunt ook een RIE die speciaal voor sportverenigingen is opgesteld downloaden van de site www.werkenindesport.nl onder de button 'werkgeverswijzers'.

Wijziging risicoinventarisatie in de maak

Voor de sportverenigingen die werknemers in dienst hebben geldt vanaf 1 januari 2011 dat de Risicoinventarisatie en Evaluatie (RIE) niet langer getoetst hoeft te worden door een arbodeskundige. Minister Donner heeft hiertoe een wetsvoorstel ingediend. Op dit moment geldt dat sportverenigingen die één of meerdere werknemers in dienst hebben, verplicht zijn een RIE uit te voeren en te laten toetsen door een arbodeskundige.

Maken sportverenigingen gebruik van de RIE voor sportverenigingen, dan kan toetsing achterwege blijven als de werknemers gezamenlijk minder dan 40 uur per week werkzaamheden verrichten. Heeft de sportvereniging minder dan 25 werknemer in dienst, maar werken zij gezamenlijk meer dan 40 uur per week, dan is een lichte toets van de RIE verplicht. Dit houdt, kort gezegd, in dat de arbodeskundige een papieren toets houdt. Voor de enkele vereniging die meer dan 25 medewerkers in dienst heeft geldt dat volledige toetsing verplicht is.

Vanaf 1 januari 2010 hoeven verenigingen die gebruik maken van de RIE voor sportverenigingen en minder dan 25 werknemer in dienst hebben, de RIE niet meer te laten toetsen. Dit geldt dus niet voor verenigingingen die een eigen RIE uitvoeren.

Ook hebben werknemers vanaf 1 januari 2011 het recht om de RIE in te zien.

Uitgebreid zoeken